Mensen vragen me soms hoe ik het volhoud. Een intensief gezin, een veeleisend beroep, websites, schrijven, plannen — en dan ook nog meerdere keren per week sporten. Het antwoord is simpel: ik hou het juist vol dánkzij de sport.
Het gaat niet om het lichaam
Nou ja — een beetje wel. Maar dat is nooit de reden geweest waarom ik bleef gaan. Ik train om helder te blijven. Om spanning kwijt te raken. Om met een leeg hoofd thuis te komen. Om energy te hebben voor de rest van de dag, en de dag erna.
Sport is voor mij geen luxe. Het is een onderdeel van mijn functioneren. Zoals sommige mensen niet zonder koffie kunnen beginnen, kan ik niet goed functioneren zonder beweging.
Wat het met je hoofd doet
Er is inmiddels genoeg onderzoek naar om een bibliotheek mee te vullen. Beweging vermindert stresshormonen, verhoogt endorfine, verbetert slaap en heeft een positief effect op concentratie en stemming. Ik hoef het onderzoek niet — ik voel het gewoon. Op de dagen dat ik niet heb getraind, ben ik minder scherp. Minder geduldig ook, eerlijk gezegd.
Consistency beats intensity
Ik ben geen topsporter. Ik hef geen records. Maar ik train consistent. Dat is, denk ik, het geheim. Niet drie maanden keihard en dan stoppen — maar week na week, jaar na jaar, het gewoon doen. Soms vol energie, soms met tegenzin. Maar gaan.
Dat principe — consistency beats intensity — geldt overigens voor vrijwel alles in het leven. In de opvoeding. In het ondernemen. In relaties. De dagelijkse kleine inzet wint het altijd van de sporadische grote inspanning.
Samen met mijn vrouw
Mijn vrouw sport ook. Wellness is iets wat we delen. Dat maakt het makkelijker — je hebt iemand die het begrijpt, die je motiveert en die je niet de wenkbrauwen fronst als je op zaterdag vroeg de deur uit gaat voor een training.
Als jij nog geen beweging in je routine hebt ingebouwd: begin klein. Tien minuten wandelen. Een keer per week naar de sportschool. Iets wat je vol kunt houden. De rest groeit vanzelf.